Kleine hondenrassen

Deze lijst bevat 93 kleine hondenrassen, van de Chihuahua van 15 tot 23 cm tot rassen die tegen de bovengrens van deze lijst aan schuren. Je vindt er terriërs, gezelschapshonden, kleine lopende honden en kruisingen, telkens met schofthoogte, gewicht, vachttype en de dagelijkse beweging uit het rasdossier. Klein is bij ons een richtlijn van de redactie op basis van schofthoogte en gewicht, geen officiële rasstandaard.

Klein volgt in deze atlas schofthoogte en gewicht als richtlijn, doorgaans tot ongeveer 40 cm en 13 kg. Grensgevallen zijn met de hand ingedeeld op wat een ras in de praktijk is, een keuze van de redactie en geen officiële FCI-grens.

Formaat
Past bij jouw situatie
Verzorging en tempo
Herkomst

93 rassen in deze lijst

Binnen één blok volstaat het dat je hond aan één van de aangeklikte knoppen voldoet, tussen de blokken moet hij aan allemaal voldoen. Een filter staat aan bij 4 of 5 pootjes op die score, behalve “gezin met kinderen”: dat vraagt de maximale score op kindvriendelijk en minstens 4 op gezinsvriendelijkheid, behalve “kan alleen thuis blijven”: daar telt vanaf 3 pootjes mee, want hoger komt in de atlas niet voor. “Sportief” werkt omgekeerd en toont rassen met hoogstens 2 pootjes op rustig aan doen. Zo blijft de selectie streng.

Vergelijk alle 93 rassen op een rij
Kleine hondenrassen: schofthoogte, gewicht en vacht per ras
RasSchofthoogteGewichtVacht
Maltipoo20–36 cm± 4,5–9 kgTrimmen elke 4–6 wk
Teckel± 20–27 cm± 3,5–9 kg3 haarsoorten
Cockapoo25–46 cm2,7–13,6 kgKrul tot recht
Chihuahua± 15–23 cmmax ± 2,7 kgKort- of langhaar
Cavapoo23–36 cm3,6–11 kgGolvend tot gekruld
Shih TzuMax. ± 27 cm4,5–7,3 kgLang, dagelijks borstelen
Pomeriaan18–22 cm1,5–3,2 kgDubbel, lang
Welsh Corgi (Pembroke)25–30 cm10–12 kgVerhaart fors
Jack Russell Terriër25–30 cm5–6 kgDrie types
Franse Bulldog± 35 cm8–14 kgKort en glad
Maltezer21–25 cm3–4 kgZijdeachtig, wit
Bichon Frisé23–28 cm4–7 kgVerhaart nauwelijks
Yorkshire Terrier± 20–25 cmtot 3,2 kgZijdeachtig, klit snel
Papillon± 28 cm2,5–4,5 kgZijdeachtig langhaar
Cavalier King Charles Spaniel30–33 cm5,4–8,2 kgZijdeachtig, franjes
Foxterriertot ± 40 cm7–10 kgGlad of draad
Lhasa Apso± 25 cm5–10 kgLang & hard
Border Terrier± 33–40 cmreu 5,9–7,1 kgRuw, strippen
Mopshond30–35 cm6,3–8,1 kgKort, verhaart
Boston Terrier± 40 cmtot 11,35 kgKort & glad
Havanezer23–27 cm4–7 kgLange zijdevacht
Cairn Terrier28–31 cm6–7,5 kgRuw, dubbel
Sheltie (Shetland Sheepdog)reu 37 cm± 6–11 kgDubbele vacht
Coton de Tulear25–30 cm3,5–6 kgVerhaart weinig
King Charles Spaniel± 25–30 cm3,6–6,3 kgZijdeachtig, lang
Pekinees15–22 cmmax. 5 kgLang dubbel
Welsh TerrierTot 39 cm9–10 kgRuwe trimvacht
Parson Russell Terriër± 33–36 cm± 6–8 kgRuw, gebroken of glad
Dwergpinscher25–30 cm4–6 kgOnderhoudsarm
Dwergschnauzer30–35 cm4–8 kgRuwharig
Griffon Bruxellois± 30 cm3,5–6 kgRuwharig
Schipperke± 25–33 cm3–9 kgVerhaart in pieken
Amerikaanse Cocker Spaniel36–39 cm11–13 kgLang, zijdeachtig
Basset Fauve de Bretagne32–38 cm15–20 kgRuw en hard
Chinese Naakthond28–33 cm± 5 kgTwee variëteiten
Miniature American Shepherd35,5–46 cm9–18 kgHalflang, dubbel
Norfolk Terriër± 25 cm5–7 kgHard en draadachtig
West Highland White Terrier± 28 cm6–9 kgDubbel en wit
Bedlington Terriër± 41 cm8–10 kgDik en pluizig
Griffon Belge± 30 cm3,5–6 kgRuwharig, zwart
Miniatuur Bull Terriërmax 35,5 cm11–15 kgKort, glad
Schotse Terriër25–28 cm8,5–10,5 kgRuwharig
Affenpinscher25–30 cm4–6 kgRuw, verhaart weinig
Petit Basset Griffon Vendéen34–38 cm± 15 kgHard en ruw
Basset Artésien Normand30–36 cm15–20 kgKort, glad
Italiaans Windhondje32–38 cmmax. 5 kgNauwelijks werk
Lakeland Terriërmax. 37 cm± 7–8 kgVerhaart weinig
Markiesje± 35–37 cm6–8 kgWeinig werk
Norwich Terriër± 25 cm± 5 kgHard draadhaar
Manchester Terriër38–41 cm7–10 kgKort en glanzend
Petit Brabançon± 30 cm3,5–6 kgKort en hard
Tibetaanse Spaniel± 25 cm4–7 kgZijdeachtig
Bolognezer27–30 cm2,5–4 kgLang, in vlokken
Japanse Spits30–38 cm4,5–11 kgWit en dubbel
Skye Terriër25–26 cm12–18 kgLang, recht
Dandie Dinmont Terriër20–28 cm8–11 kgDubbel, ± 5 cm
Hollandse Smoushond37–42 cm7–11 kgRuw, geel
Japanse Chin± 25 cmtot ± 5 kgZijdeachtig, lang
Lancashire Heeler± 30 cm6–9 kgKort en hard
Duitse Jachtterriër33–40 cm9–10 kgRuw- of gladhaar
Basset Bleu de Gascogne34–38 cm16–20 kgKort, dicht
Leeuwhondje26–32 cm± 6 kgLang, zijdeachtig
Sealyham Terriërmax. 31 cm± 9 kgHard en draadharig
Drever32–38 cmNiet vastgelegdKort en hard
Volpino Italiano27–30 cm± 4–5,5 kgLang en afstaand
Australian Terrier± 25 cm6–8 kgRuw en dubbel
Cesky Terriër25–32 cm6–10 kgLang en zijdeachtig
Deens-Zweedse Boerderijhond34–37 cm7–12 kgKort en hard
Noorse Lundehund35–38 cm± 7 kgDubbele vacht, kort en ruw
Ratonero Bodeguero Andaluz37–43 cm10–12 kgZeer kort
Praagse Rattler21–23 cm± 2,6 kgKort, glanzend
Russian Toy22–27 cmtot 3 kgGlad- of langhaar
Alpenländische Dachsbracke34–42 cmCirca 15–18 kgDubbel en zeer dicht
Australian Silky Terrier23–26 cm3,5–4,5 kgLang en zijdeachtig
Irish Glen of Imaal Terriermaximaal 35,5 cm± 16 kgRuw, met ondervacht
Japanse Terriër30–33 cm± 2,5–5,5 kgKort, glad en glanzend
Braziliaanse Terriër35–40 cm± 7–10 kgKort, glad en fijn
Ratonero Valenciano30–40 cm4–8 kgZeer kort
Berner Niederlaufhund35–43 cmNiet vastgelegdKort, ruw of dubbel
Jura Niederlaufhund35–43 cm± 9–15 kgGlad, ruw of dubbelhaar
Luzerner Niederlaufhund35–43 cm± 9–15 kgKort, ruw of dubbel
Schweizer Niederlaufhund35–43 cmNiet vastgelegdKort, ruw of dubbel
Engelse Toyterriër25–30 cm2,7–3,6 kgKort en glanzend
Biewer Terriër18–28 cm± 1,8–3,6 kgLang, recht en zijdeachtig
Patterdale Terriër25–38 cm± 5–10 kgGlad, gebroken of ruw
Boomer25–35 cm3–8 kgMeestal lang en zacht
Shihpoo± 20–33 cm± 3,5–9 kgSteil tot gekruld
Cavachon25–33 cm5,5–8 kgGolvend tot gekruld
Pomchi15–23 cm± 1,5–3,5 kgKort tot lang
Yorkipoo± 18–38 cm± 1,4–6,8 kgGolvend tot gekruld
Jackapoo± 25–41 cm± 6–11 kgSteil tot gekruld
Puggle± 30–38 cm± 6–14 kgKort, verhaart merkbaar
Chug± 15–30 cm± 4,5–9 kgKort

Wanneer noemen we een hond klein?

Klein noemen we in deze atlas een hond die doorgaans tot ongeveer 40 cm schofthoogte en ongeveer 13 kg blijft. Dat is een richtlijn van de redactie en geen officiële grens. De FCI deelt rassen in op afkomst en functie, niet op formaat, dus een vaste maat voor "klein" bestaat er niet. Wij houden daarom één herkenbare lijn aan, zodat je 93 rassen naast elkaar kunt leggen zonder per rasdossier te moeten rekenen.

Rassen die vlak bij die lijn zitten, kijkt de redactie met de hand na en deelt ze in op wat ze in de praktijk zijn. Dat is met opzet, want rasstandaarden werken met bereiken. Een Franse Bulldog blijft rond 35 cm maar kan 8 tot 14 kg wegen, terwijl een Chihuahua met 15 tot 23 cm en maximaal ongeveer 2,7 kg in een heel andere orde van grootte zit. Binnen hetzelfde ras schelen reuen en teven vaak enkele centimeters, en bij kruisingen valt de marge nog breder uit.

Zit het ras dat je in gedachten hebt net boven deze lijn, kijk dan bij de middelgrote hondenrassen. Wat er ruim boven uitkomt, staat in de lijst met grote hondenrassen. De drie lijsten sluiten op elkaar aan, zodat geen enkel ras tussen wal en schip valt.

De 93 kleine hondenrassen in deze lijst

De spreiding binnen deze lijst is groter dan het woord klein doet vermoeden. Aan de onderkant staan honden die je met twee handen optilt: de Pomeriaan weegt 1,5 tot 3,2 kg bij 18 tot 22 cm, de Pekinees blijft tussen 15 en 22 cm en de Yorkshire Terrier komt tot 3,2 kg. Aan de bovenkant zitten rassen die tegen de grens aan schuren: de Foxterrier komt tot ongeveer 40 cm en de Welsh Terrier tot 39 cm. Qua gewicht gaat de Franse Bulldog tot 14 kg, en bij kleine lopende honden zoals de Basset Fauve de Bretagne loopt het bereik op tot 15 à 20 kg. Tussen de lichtste en de zwaarste hond in deze lijst zit dus een factor van meer dan tien.

Ook qua type is de lijst gemengd. De terriërs vormen de grootste groep, oorspronkelijk werkhonden die zelfstandig moesten beslissen. Daarna komen de gezelschaps- en dwerghonden, gefokt om binnen te leven en dicht bij mensen te zijn. Verder staan er kleine lopende honden, herders, pinschers en spitsen, en een flinke reeks kruisingen, waarbij de opgegeven maten per lijn sterker uiteenlopen dan bij een gesloten rasstandaard.

  • Terriërs uit FCI-groep 3, van de Jack Russell Terriër en de Foxterrier tot de Border Terrier.
  • Gezelschaps- en dwerghonden uit FCI-groep 9, zoals de Mopshond, de Shih Tzu en de Cavalier King Charles Spaniel.
  • Kleine kruisingen uit de doodle- en mixhoek, zoals de Maltipoo, de Cockapoo en de Cavapoo, met de ruimste maatmarges van de lijst.
  • Rassen uit de overige FCI-groepen: kleine lopende honden zoals de Basset Fauve de Bretagne, herders zoals de Welsh Corgi (Pembroke), en pinschers en schnauzers zoals de Dwergschnauzer.

Klein betekent niet vanzelf weinig beweging

De bewegingsbehoefte in deze lijst loopt sterk uiteen, en het formaat voorspelt hem niet. De Welsh Terrier staat in zijn rasdossier op 1 tot 2 uur per dag, de Parson Russell Terriër op ruim en intensief bewegen, en de Jack Russell Terriër op veel. Ook de Teckel, de Foxterrier en de Border Terrier komen op ongeveer een uur per dag uit, en de Duitse Jachtterriër staat op twee uur of meer. Dat zijn allemaal honden die rond of onder de 40 cm blijven.

Aan de andere kant van diezelfde lijst staan rassen met een bescheiden programma: de Shih Tzu en de Pomeriaan houden het beperkt, de Lhasa Apso bescheiden, en bij de Mopshond staat kort en rustig. Ook de Papillon is klein maar wordt in zijn dossier omschreven als een actief dwergje, dus lichtgewicht en luiheid gaan hier niet samen.

Dat verschil zie je terug in de score rustig aan doen mogelijk, die in deze lijst van één tot vijf pootjes loopt. Een handvol rassen krijgt er één pootje: een rustiger tempo is bij hen lastig vol te houden. Aan de andere kant staan de Griffon Bruxellois, de Bolognezer en de Japanse Chin met vijf pootjes. Die scores zijn inschattingen van de redactie op basis van de rasdossiers, geen metingen, en ze zeggen niets over wat één individuele hond nodig heeft. Wie een kleine hond met veel energie in huis heeft, heeft baat bij een vaste plek om te rennen en te snuffelen, bijvoorbeeld een van de losloopweides in de buurt.

Waar je op let bij een kleine hond in huis

Een kleine hond neemt weinig plaats in, maar hij vraagt wel bewuste keuzes. Omdat hij lichter is, wordt hij sneller opgetild dan aangesproken, en dat gaat ten koste van zijn eigen inbreng. Laat hem waar het kan zelf lopen, zelf naderen en zelf weglopen. Dat bouwt vertrouwen op en voorkomt dat hij zich moet verweren omdat hij zich zonder waarschuwing van de grond voelt komen.

Verder helpt het om een paar zaken van bij het begin vast te leggen. Ze kosten weinig moeite en schelen jaren later veel.

  • Spreek af waar de hond mag rusten, en houd die plek echt vrij: kleine honden liggen graag op looproutes en worden daar aangestoten.
  • Leer kinderen dat een liggende hond met rust gelaten wordt, ongeacht hoe klein en aaibaar hij oogt.
  • Weeg mee wat hij per dag eet. Bij een hond van vier kilo telt een extra koekje veel zwaarder door dan bij een hond van dertig kilo.
  • Reken op verschil in vachtwerk: de scores voor onderhoudsarme vacht lopen in deze lijst van één tot vijf pootjes.
  • Twijfel je over springen, traplopen, gewicht of gebit, leg het dan voor aan je dierenarts. Wij geven geen medisch advies.

Wat deze lijst niet zegt

Formaat voorspelt geen karakter. Binnen deze 93 rassen loopt de score kindvriendelijk van twee tot vijf pootjes: de Havanezer, de Coton de Tulear en de Border Terrier staan op vijf, terwijl een deel van de lijst niet hoger komt dan twee. Ze zijn allemaal klein. Ook trainbaarheid varieert: de Sheltie, de Papillon en de Havanezer krijgen vijf pootjes, andere rassen blijven op twee staan. Wat een hond nodig heeft, staat in zijn rasdossier, niet op de weegschaal.

Vachtonderhoud staat eveneens los van formaat. De Boston Terrier en de Dwergpinscher scoren vijf pootjes op onderhoudsarme vacht, terwijl een deel van de langharige rassen op één pootje uitkomt: dat is dagelijks werk of periodiek trimmen. Bij de Shih Tzu staat dagelijks borstelen zo in het rasdossier. Let op wat die score wel en niet betekent. Hij gaat over de hoeveelheid verzorgingswerk, niet over hoeveel haar je in huis terugvindt en zeker niet over allergie. Wil je op dat punt filteren, gebruik dan de lijst met hondenrassen met weinig vachtonderhoud.

Tot slot: alleen thuis kunnen blijven is geen sterkte van kleine honden. Geen enkel ras in deze lijst haalt op die score meer dan drie pootjes. Zoek je vooral een hond die in een flat past of die toegankelijk is als eerste hond, dan kom je verder met de lijsten hondenrassen voor een appartement en hondenrassen voor beginners. Alle scores hier zijn inschattingen van de redactie op basis van de rasdossiers, bedoeld om te vergelijken, niet om te beslissen.

Veelgestelde vragen over kleine hondenrassen

Wat is het kleinste hondenras in deze lijst?

Dat hangt ervan af waar je naar kijkt. Qua gewicht zitten de <a href="/rassen/chihuahua/">Chihuahua</a> met maximaal ongeveer 2,7 kg en de Praagse Rattler met ongeveer 2,6 kg onderaan. Qua schofthoogte begint de lijst rond 15 cm, bij rassen als de Chihuahua (15 tot 23 cm) en de Pekinees (15 tot 22 cm), die wel zwaarder gebouwd is en tot ongeveer 5 kg komt. Bij kleine kruisingen zoals de Yorkipoo start het opgegeven gewicht nog lager, rond 1,4 kg, maar bij een kruising verschilt dat bereik sterk per lijn.

Zijn kleine honden geschikt voor kinderen?

Dat hangt van het ras af, niet van het formaat. Binnen deze lijst staan de Havanezer, de Coton de Tulear en de Border Terrier op vijf pootjes voor kindvriendelijkheid, terwijl een deel van de lijst niet hoger komt dan twee pootjes. Kleine honden worden bovendien vaker opgetild en aangeraakt, dus afspraken over rust zijn hier extra belangrijk. Deze scores zijn inschattingen van de redactie op basis van de rasdossiers.

Hoeveel beweging heeft een kleine hond nodig?

Van beperkt tot twee uur of meer per dag, afhankelijk van het ras. In deze lijst staat de Welsh Terrier op 1 tot 2 uur, de Parson Russell Terriër op ruim en intensief bewegen en de Duitse Jachtterriër op 2 uur of meer, terwijl bij de Shih Tzu en de Pomeriaan beperkt staat en bij de Mopshond kort en rustig. Reken dus nooit op weinig wandelen alleen omdat de hond klein is.

Is elke kleine hond geschikt voor een appartement?

Nee. Klein zijn helpt, maar de score voor appartementsgeschiktheid loopt in deze lijst van één tot vijf pootjes. Een kleine groep rassen komt niet hoger dan twee pootjes, terwijl rassen als de Maltezer, de Havanezer en de Bolognezer op vijf staan. Wat de doorslag geeft is hoeveel beweging en prikkels een hond per dag nodig heeft, niet hoeveel vierkante meter hij inneemt.

Heeft een kleine hond minder vachtverzorging nodig dan een grote hond?

Niet noodzakelijk: een kleiner oppervlak betekent niet minder werk. Een deel van deze rassen scoort één pootje op onderhoudsarme vacht, en dat betekent dagelijks borstelen of periodiek trimmen. Bij de Shih Tzu staat dagelijks borstelen zo in het rasdossier, en de zijdeachtige vacht van de Yorkshire Terrier klit snel. De Boston Terrier en de Dwergpinscher staan met vijf pootjes aan de andere kant. Die score gaat over verzorgingswerk, niet over haarverlies of allergie.

Waar deze gegevens vandaan komen

Elk ras in de atlas heeft een eigen dossier met schofthoogte, gewicht, levensverwachting, bewegingsbehoefte en vachtverzorging, opgebouwd uit de rasstandaard van de FCI, publicaties van rasverenigingen en veterinaire naslagwerken. Op elke rassenpagina staat onderaan welke bronnen we voor dat ras gebruikt hebben.

De acht scores van 1 tot 5 zijn een inschatting van de redactie op basis van die dossiers, geen meting. Meer pootjes betekent altijd dat het voor jou als baas gunstiger uitkomt. Ze helpen je vergelijken en een voorselectie maken, ze vervangen geen kennismaking met een echte hond.

Deze pagina is nagekeken op 3 september 2026. Informatie op Hondenatlas is bedoeld ter oriëntatie. Twijfel je over de gezondheid of de belastbaarheid van een hond, dan is je dierenarts het juiste adres.

Verwante lijsten

Terug naar alle 400 hondenrassen