Griffon Belge

Het zwarte broertje van de Griffon Bruxellois: een klein, baardig hondje met Brusselse stamboompapieren en een groot hart voor zijn mens. Zijn grootste eis is dan ook dat jij er bent.

In dit artikel
  1. In het kort
  2. Scores
  3. Karakter
  4. Gezin
  5. Past hij bij jou?
  6. Appartement
  7. Beweging
  8. Vacht
  9. Wat is het verschil tussen de Griffon Belge, de Griffon Bruxellois en de Petit Brabançon?
  10. Opvoeding
  11. Kosten
  12. Eerlijk over
  13. Levensfase
  14. Gezondheid
  15. Een pup vinden
  16. Veelgestelde vragen
In het kort

De Griffon Belge in het kort

De Griffon Belge is een van de weinige echt Belgische rassen. Net als de Griffon Bruxellois en de Petit Brabançon stamt hij af van het Smousje, het ruwharige stalhondje uit de Brusselse regio. De FCI-standaard omschrijft hem als evenwichtig, alert, fier en zeer gehecht aan zijn baas. Het verschil met zijn twee broers zit vooral in de vacht: de Griffon Belge is ruwharig en zwart of zwart met tan.

Met een half uurtje beweging per dag is hij tevreden en met zijn 3,5 tot 6 kilo past hij in elke woning. Daar staat tegenover: een vacht die geplukt moet worden, een korte snuit die aandacht vraagt en een hondje dat slecht tegen alleen zijn kan. Doe verderop de match.

Schofthoogte
± 30 cmde standaard normeert alleen het gewicht
Gewicht
3,5–6 kgreu en teef
Levensverwachting
12–15 jaargemiddeld
Beweging
± 30 minper dag, plus spel
Vacht
Ruwharig, zwartplukken (handstrippen) nodig
Herkomst
Belgiëstalhondje uit Brussel

De Griffon Belge in scores

Elke hond in de atlas krijgt scores op dezelfde meetlat, zodat je rassen eerlijk naast elkaar kunt leggen.

Meer pootjes betekent altijd makkelijker voor jou als baas, niet "meer van die eigenschap".

GezinsvriendelijkheidAanhankelijk en verdraagzaam, maar hij kiest vaak één favoriet
KindvriendelijkBeter met oudere kinderen: hij is klein en kwetsbaar
Geschikt voor een appartementFormaat en bewegingsbehoefte passen perfect bij een flat
Rustig aan doen mogelijkJa: een half uur per dag plus spel volstaat
Onderhoudsarme vachtNee: wekelijks borstelen en geregeld laten plukken
TrainbaarheidSlim en leergierig, maar met een eigen willetje
Alleen thuis kunnen blijvenZijn zwakste punt: hij wil zijn waar jij bent
Geschikt voor beginnersKan, als je zijn gezelschapsbehoefte en snuitje serieus neemt

Wat voor karakter heeft een Griffon Belge?

De FCI-rasstandaard, het officiële rasprofiel waarin vastligt hoe een ras eruitziet en zich gedraagt, noemt hem evenwichtig, alert, fier, zeer gehecht aan zijn baas en zeer waakzaam, en uitdrukkelijk niet schuw of agressief. The Kennel Club vat de griffonnetjes samen als slimme hondjes uit België met de persoonlijkheid van een terriër.

In huis is hij een kleine clown met een fier ego. Hij bindt zich vaak het sterkst aan één persoon en volgt die overal, van keuken tot badkamer. De Raad van Beheer noemt het ras levendig, aanhankelijk, zeer verdraagzaam en tot op hoge leeftijd speels.

Diezelfde gehechtheid heeft een keerzijde: hij kan de baas gaan spelen als niemand hem grenzen leert, en hij meldt het als er iets gebeurt. Waaks is hij zeker, een blafmachine hoeft hij niet te worden als je het melden van jongs af aan stuurt.

Is een Griffon Belge geschikt voor een gezin?

Hij kan prima in een gezin leven, maar hij is op zijn best bij mensen die veel thuis zijn en oudere of geen kinderen hebben. Veterinaire bronnen zoals VCA Hospitals raden de griffonnetjes eerder aan bij oudere kinderen: een hondje van vier kilo is snel geblesseerd en verdraagt geen onstuimig gesleep.

Leer kinderen dat dit geen knuffel is maar een hond met een eigen mening, en geef hem een plek waar hij ongestoord kan liggen. Doe je dat, dan is hij een verdraagzame en vrolijke huisgenoot voor het hele gezin, met één duidelijke favoriet.

Past deze hond bij jou?

Zes korte vragen, je ziet meteen je match.

Hoe woon je?
Kinderen in huis?
Je ervaring met honden
Tijd voor beweging per dag
Hoe vaak is de hond alleen thuis?
Hoeveel vachtwerk wil je?

Kies hierboven je situatie om je persoonlijke match te zien.

Kan een Griffon Belge in een appartement wonen?

Ja, dit is een van de beste appartementsrassen uit de atlas. Hij is klein, heeft weinig beweging nodig en brengt zijn dag het liefst door binnen handbereik van zijn mens.

Twee aandachtspunten: hij is waaks en meldt geluiden in het gebouw, en hij moet ook in een flat elke dag naar buiten. Stuur het melden van jongs af aan, dan blijft het bij een korte aankondiging.

Hoeveel beweging heeft een Griffon Belge nodig?

Weinig, naar hondennormen: The Kennel Club houdt voor de griffonnetjes tot dertig minuten per dag aan. Een dagelijkse wandeling plus wat spel in huis of tuin volstaat. Hij wandelt graag mee, maar is geen hond voor lange tochten of loopsport.

Let op bij warm weer: door zijn korte snuit kan hij zijn warmte minder goed kwijt dan honden met een lange neus. Wandel dan vroeg of laat op de dag en houd inspanning beperkt. Denkwerk mag altijd: dit slimme hondje leert graag trucjes en zoekspelletjes.

Hoe verzorg je de vacht van een Griffon Belge?

De Griffon Belge heeft een harde, licht golvende ruwe vacht met ondervacht, die volgens de rasstandaard getrimd hoort te worden. De kleur is zwart of zwart met tan-aftekeningen, met de kenmerkende langere baard en snor op het hoofd. In de praktijk betekent dat: meer dan eens per week borstelen of kammen, en de vacht geregeld laten plukken (handstrippen) om de harde structuur te behouden.

Handstrippen is specialistenwerk: veel baasjes besteden het uit aan een trimsalon die met ruwharige rassen overweg kan, of leren het via de rasvereniging zelf. En hoewel hij geen haarfabriek is: hij verhaart wel, dus reken niet op een haarloos huis.

Wat is het verschil tussen de Griffon Belge, de Griffon Bruxellois en de Petit Brabançon?

Het zijn drie nauw verwante Belgische rassen uit dezelfde stam, elk met een eigen FCI-nummer maar met vrijwel dezelfde standaard. Het verschil zit in de vacht: de Griffon Belge (FCI 81) is ruwharig en zwart of zwart met tan, de Griffon Bruxellois (FCI 80) is ruwharig en rood, en de Petit Brabançon (FCI 82) is kortharig. De Raad van Beheer beschrijft ze als in wezen één ras: de variëteiten kunnen in hetzelfde nest geboren worden.

Alle drie stammen ze af van het Smousje, het kleine ruwharige hondje dat volgens de FCI-standaard al eeuwen in de Brusselse regio voorkwam, koetsen bewaakte en stallen vrij van ratten en muizen hield. In de negentiende eeuw werden onder meer de King Charles Spaniël en de Mopshond ingekruist, wat het huidige type met de korte snuit opleverde. De eerste registraties dateren van 1883, en rond 1900 werd het ras populair mede door de belangstelling van het Belgische hof.

Voor jou als koper maakt de keuze tussen de drie vooral uit voor het vachtwerk: de twee ruwharige variëteiten moeten geplukt worden, de Petit Brabançon niet. Karakter en verzorging zijn verder vrijwel gelijk.

Hoe voed je een Griffon Belge op?

Vriendelijk, consequent en zonder te lachen om gedrag dat je bij een grote hond nooit zou toestaan. Hij is slim en leert snel, maar hij heeft een eigen willetje: wie hem als knuffel behandelt in plaats van als hond, krijgt een klein hondje dat het huishouden bestiert.

De belangrijkste les voor dit ras is alleen thuis leren blijven: begin daar in de puppytijd mee, in stapjes van minuten. Verder verdienen deze punten aandacht:

Wat kost een Griffon Belge?

Eerlijk antwoord: betrouwbare Belgische bedragen voor de aanschaf, het voer, de dierenarts en de verzekering van een Griffon Belge zetten we hier pas neer zodra we ze met bronnen kunnen onderbouwen. Liever even geen cijfer dan een verzonnen cijfer. Reken er wel op dat een hond, groot of klein, elke maand een vast budget vraagt, en dat prijzen sterk verschillen per fokker en regio.

Wat we nu al wel kunnen zeggen over trimsalon (handstrippen): Terugkerende post: meerdere beurten per jaar bij een specialist.

Eerlijk over de Griffon Belge

  • Hij kan slecht alleen zijn. Dit ras bestaat om bij mensen te zijn. Een huishouden waar de hond hele dagen alleen zit, past er niet bij.
  • Zijn korte snuit is niet alleen schattig. Brachycefale rassen zijn gevoeliger voor ademhalings- en gebitsproblemen en voor warmte. Kies een fokker die op snuitlengte en ademhaling let.
  • De vacht pluk je niet zelf op een zondagmiddag. Handstrippen is vakwerk dat geregeld terugkomt, en hij verhaart daarnaast ook nog.
  • Klein hondje, grote mening. Zonder vriendelijke grenzen wordt hij bazig en bepaalt hij wie er op de bank mag.
  • Het aanbod pups is nog kleiner dan bij de Griffon Bruxellois. De zwarte variëteit is zeldzaam in de Lage Landen. Wachten op een goed gefokte pup is normaal, en beter dan een snelle koop via een advertentiesite.

De route van pup naar senior

Elke levensfase vraagt iets anders van je. Dit zijn de haltes waar je bij dit ras rekening mee houdt.

8 – 16 weken

Wennen aan de wereld

Laat hem rustig kennismaken met mensen, honden, verkeer en geluiden, positief en op zijn tempo. Begin vanaf de eerste week met korte momenten alleen, dat is voor dit ras de belangrijkste investering.

4 – 8 maanden

Zindelijkheid en zelfstandigheid

Houd het ritme strak bij het zindelijk maken en bouw het alleen zijn verder op. Laat hem veel zelf lopen en ontdekken in plaats van hem te dragen.

8 – 18 maanden

De puber met praatjes

Zijn zelfvertrouwen piekt en zijn fiere kantje test je regels. Blijf vriendelijk consequent en houd het melden van geluiden in de hand voordat het een gewoonte wordt.

Vanaf ± 2 jaar

Volwassen: samen zijn als levensritme

Een dagelijkse wandeling, spel, denkwerk en veel nabijheid: meer vraagt hij niet. Houd zijn gewicht in de gaten, want extra kilo's belasten ook zijn ademhaling.

Vanaf ± 10 jaar

Senior: speels tot op hoge leeftijd

Met een levensverwachting van twaalf tot vijftien jaar blijft hij lang vitaal, de Raad van Beheer noemt de griffonnetjes tot op hoge leeftijd speels. Laat gebit, ogen en ademhaling bij elke controle nakijken.

Welke gezondheidsproblemen komen voor bij de Griffon Belge?

De Griffon Belge kan behoorlijk oud worden, maar zijn bouw en enkele erfelijke aandoeningen vragen aandacht. Vraag een fokker altijd naar de onderzoeksuitslagen van beide ouderdieren.

Ademhalingsproblemen (brachycefalie)grootste risico

Door zijn korte snuit hoort dit ras bij de brachycefale rassen, die gevoeliger zijn voor benauwdheid, snurken en oververhitting. In het Verenigd Koninkrijk wordt voor de fok van de griffonnetjes een ademhalingstest (BOAS-test) aangeraden en volgt The Kennel Club het ras via Breed Watch.

Patellaluxatie

Een knieschijf die uit zijn groeve schiet, een bekend probleem bij kleine rassen. De Raad van Beheer verplicht patella-onderzoek van beide ouderdieren.

Oogaandoeningen

Zijn grote, prominente ogen zijn kwetsbaar, en erfelijke aandoeningen zoals PRA (een netvliesaandoening die tot blindheid leidt) komen voor. Een ECVO-oogonderzoek van de ouderdieren is verplicht bij stamboomfok in Nederland.

Syringomyelie

Een aandoening waarbij holtes met vocht in het ruggenmerg ontstaan, bekend van kleine schedeltypes. De Nederlandse rasvereniging beveelt een MRI-scan van fokdieren aan.

Gebitsproblemen

In de korte kaak staan de tanden dicht op elkaar, wat tandsteen en tandverlies in de hand werkt. Gebitscontrole en poetsen horen bij dit ras bij de basisverzorging.

Over deze aandoeningen: ze komen uit de fokreglementen van de Raad van Beheer en uit veterinaire bronnen (VCA Hospitals, The Kennel Club) over de drie griffonvariëteiten samen. Dat een aandoening vaker voorkomt in een ras is een risico-indicatie, geen vaststaand cijfer voor jouw hond. Maak je je zorgen over de gezondheid van je hond? Bespreek dat met je dierenarts.

Weet je niet welke uitslagen je precies moet opvragen? Download de gratis checklist “Wat vraag je een fokker?”, met alle onderzoeken die bij dit ras horen op één A4.

Waar vind je een goede pup?

Begin bij de rasvereniging in plaats van bij een advertentiesite. In Nederland houdt de Raad van Beheer de stamboomregistratie en de verplichte fokonderzoeken bij (patella en ECVO-ogen); in België vervult de KMSH (Koninklijke Maatschappij Sint-Hubertus) die rol, passend voor een ras met Brusselse wortels. Via de griffonrasverenigingen kom je bij fokkers die volgens die regels fokken.

Wees eerlijk voorbereid: dit is een zeldzaam ras en de zwarte variëteit is nog dunner gezaaid dan de rode, dus wachten hoort erbij. Een goede fokker toont de uitslagen ongevraagd, laat je de ouderdieren rustig ademen zien en legt uit of er ook Griffon Bruxellois- of Petit Brabançon-pups in het nest zitten.

Veelgestelde vragen over de Griffon Belge

Wat is het verschil tussen een Griffon Belge en een Griffon Bruxellois?

Vooral de vachtkleur: de Griffon Belge is ruwharig en zwart of zwart met tan, de Griffon Bruxellois is ruwharig en rood. Het zijn twee variëteiten uit dezelfde Belgische stam met elk een eigen FCI-nummer, en ze kunnen in hetzelfde nest geboren worden. De kortharige derde variëteit heet Petit Brabançon.

Is de Griffon Belge een Belgisch ras?

Ja, het is een van de weinige echt Belgische rassen. Hij stamt af van het Smousje, een ruwharig stalhondje uit de Brusselse regio dat koetsen bewaakte en ratten ving, en werd rond 1900 populair mede door de belangstelling van het Belgische hof.

Wat voor karakter heeft een Griffon Belge?

De FCI-standaard noemt hem evenwichtig, alert, fier, zeer gehecht aan zijn baas en waaks, niet schuw of agressief. In huis is hij een slimme, speelse schaduw met een eigen willetje die zich vaak het sterkst aan één persoon bindt.

Hoeveel beweging heeft een Griffon Belge nodig?

Weinig: The Kennel Club houdt voor de griffonnetjes tot dertig minuten per dag aan, aangevuld met spel en denkwerk. Bij warm weer moet je inspanning beperken vanwege zijn korte snuit.

Kan een Griffon Belge goed alleen thuis blijven?

Nee, dat is zijn zwakste punt. Hij is gefokt als gezelschapshond en wil zijn waar zijn mensen zijn. Enkele uren alleen kan met training, hele dagen alleen passen niet bij dit ras.

Welke gezondheidsproblemen komen voor bij de Griffon Belge?

Vooral aandoeningen die met zijn korte snuit samenhangen: benauwdheid, gevoeligheid voor warmte en gebitsproblemen. Daarnaast patellaluxatie, oogaandoeningen zoals PRA en syringomyelie. In Nederland zijn patella- en oogonderzoek verplicht voor stamboomfok.

Bronnen bij deze pagina (5)
  1. FCI-rasstandaard 81 (Griffon Belge), herkomst België, Smousje-geschiedenis, gewicht 3,5–6 kg, zwarte ruwe vacht, karakter, drie verwante rassen.
  2. FCI-nomenclatuur – Griffon Belge, FCI-nummer 81, groep 9, sectie kleine Belgische rassen, definitieve erkenning in 1954.
  3. Houden van Honden (Raad van Beheer) – Griffon Belge, karakter, ± 30 cm en 3–6 kg, verplichte patella- en ECVO-onderzoeken, MRI-advies syringomyelie, één ras met drie variëteiten.
  4. VCA Hospitals – Brussels Griffon, levensverwachting 12–15 jaar, lage bewegingsbehoefte, handstrippen, patella en PRA, beter met oudere kinderen, slecht alleen kunnen (geldt voor de griffonvariëteiten samen).
  5. The Kennel Club – Griffon Bruxellois, tot 30 minuten beweging per dag, vachtonderhoud, verharing, brachycefale gezondheidsnotities en BOAS-test (de KC registreert de drie variëteiten als één ras).

Twijfel je nog tussen rassen?