FCI-groep 2: pinschers, schnauzers, molossers en sennenhonden

FCI-groep 2 verzamelt pinschers, schnauzers, molossers en sennenhonden, en in deze atlas staan er 17. Het is de breedste van de tien groepen: waak-, bewakings- en trekhonden komen er samen. Veel rassen zijn zwaargebouwd en houden hun omgeving in de gaten. Van de Dwergpinscher van 4 kg tot de Engelse Mastiff van 80 tot 85 kg.

De FCI deelt de erkende rassen in tien groepen in op basis van type en oorspronkelijk werk. Dit zijn de 17 rassen uit groep 2, de pinschers, schnauzers, molossers en sennenhonden, die in de atlas staan.

Formaat
Past bij jouw situatie
Verzorging en tempo

17 rassen in deze lijst

Binnen één blok volstaat het dat je hond aan één van de aangeklikte knoppen voldoet, tussen de blokken moet hij aan allemaal voldoen. Een filter staat aan bij 4 of 5 pootjes op die score, behalve “gezin met kinderen”: dat vraagt de maximale score op kindvriendelijk en minstens 4 op gezinsvriendelijkheid, behalve “kan alleen thuis blijven”: daar telt vanaf 3 pootjes mee, want hoger komt in de atlas niet voor. “Sportief” werkt omgekeerd en toont rassen met hoogstens 2 pootjes op rustig aan doen. Zo blijft de selectie streng.

Vergelijk alle 17 rassen op een rij
FCI-groep 2: pinschers, schnauzers, molossers en sennenhonden: schofthoogte, gewicht en herkomst per ras
RasSchofthoogteGewichtHerkomst
Dobermann68–72 cm40–45 kgDuitsland
Cane Corso64–68 cm45–50 kgItalië
Rottweiler61–68 cm± 50 kgDuitsland
Sint-Bernard70–90 cm63–81 kgZwitserland
Newfoundlander± 71 cm± 68 kgCanada
Deense Dogmin. 80 cm54–90 kgDuitsland
Leonberger72–80 cm± 55–65 kgDuitsland
Schnauzer30–70 cm4–47 kgDuitsland
Shar Pei44–51 cm18–30 kgChina
Boxer57–63 cmreu > 30 kgDuitsland
Engelse Mastiffvanaf 76 cm80–85 kgGroot-Brittannië
Engelse Bulldog31–40 cm± 25 kgGroot-Brittannië
Dogue de Bordeaux60–68 cmvanaf ± 50 kgFrankrijk
Hovawart63–70 cm30–45 kgDuitsland
Dogo Argentino60–68 cm40–45 kgArgentinië
Berner Sennenhond64–70 cm38–50 kgZwitserland
Dwergpinscher25–30 cm4–6 kgDuitsland

Wat deze groep typeert

Deze groep draait om aanwezigheid: honden die een erf, een kudde of een huis in de gaten hielden, en die daarvoor massa en een rustige kop meekregen. Het gewichtsbereik is het breedste van alle FCI-groepen in de atlas. De Engelse Mastiff staat op 80 tot 85 kg, de Deense Dog op minstens 80 cm schofthoogte en 54 tot 90 kg, de Sint-Bernard op 70 tot 90 cm. Aan de andere kant staat de Dwergpinscher met 25 tot 30 cm en 4 tot 6 kg.

Bewaken vraagt geen hond die de hele dag rent, en dat zie je in de bewegingskolom. Bij de Newfoundlander, de Leonberger, de Shar Pei en de Dogue de Bordeaux staat matig, bij de Sint-Bernard en de Engelse Mastiff ongeveer een uur. De Dobermann en de Rottweiler zitten rond twee uur. Een lage bewegingsbehoefte maakt een hond van 50 kg overigens niet lichter in huis.

Op gezinsvriendelijkheid scoort deze groep hoog: acht van de 17 rassen krijgen vijf pootjes, waaronder de Berner Sennenhond, de Boxer, de Leonberger en de Newfoundlander. Dat is een inschatting van de redactie op basis van de rasdossiers en gaat over hoe vlot een ras in een druk huishouden meedraait, niet over hoeveel hond je moet kunnen houden aan de riem.

De rassen uit deze groep in de atlas

De naam van de groep somt vier types op, en die vind je alle vier terug. De 17 rassen laten zich grofweg zo lezen:

  • Pinschers en schnauzers: Dobermann, Schnauzer en Dwergpinscher. De Schnauzer staat in de atlas als wisselend formaat, met 30 tot 70 cm en 4 tot 47 kg over de maatslagen heen.
  • Molossers van het doggen- en bulldogtype: Cane Corso, Rottweiler, Deense Dog, Boxer, Engelse Mastiff, Engelse Bulldog, Dogue de Bordeaux, Dogo Argentino en Shar Pei.
  • Berg- en waterwerkers: Sint-Bernard, Newfoundlander en Leonberger, alle drie zwaar gebouwd en met matig tot ongeveer een uur beweging in hun dossier.
  • Sennenhonden en overige: de Berner Sennenhond en de Hovawart, met 63 tot 70 cm de lichtere kant van de grote rassen hier.

Herkomst en oorspronkelijke taak

Duitsland levert het grootste aandeel: de Dobermann, de Rottweiler, de Deense Dog, de Boxer, de Leonberger, de Hovawart, de Schnauzer en de Dwergpinscher staan met Duitsland als herkomst in de atlas. Zwitserland levert de Sint-Bernard en de Berner Sennenhond, Groot-Brittannië de Engelse Mastiff en de Engelse Bulldog, Frankrijk de Dogue de Bordeaux, Italië de Cane Corso, Canada de Newfoundlander, China de Shar Pei en Argentinië de Dogo Argentino.

De taken liepen uiteen van hoeve bewaken tot karren trekken en werken in bergen of water. Dat verklaart waarom de vachten zo verschillen. Kort en glad bij de Deense Dog, de Engelse Mastiff, de Dogo Argentino en de Boxer, dik en dubbel bij de Newfoundlander, en bij de Leonberger staat intensief werk. Op onderhoudsarme vacht staan de Newfoundlander en de Leonberger op één pootje, terwijl de Dobermann, de Boxer, de Deense Dog, de Dogo Argentino en de Dwergpinscher op vijf staan.

Waar een ras vandaan komt, zegt niets over hoe het zich vandaag in huis gedraagt. Wel geeft het je een verwachting over wat er in de hond zit: een hond die generaties lang op zijn eigen inschatting moest afgaan bij het bewaken, zet die inschatting ook in bij de deurbel.

Past een ras uit deze groep bij jou?

Gewicht is hier de eerste praktische vraag. Een hond van 50 tot 90 kg vraagt ruimte in de auto, een stevige riem, en iemand die hem in alle omstandigheden kan houden. Op de score geschikt voor een appartement staan de Cane Corso en de Newfoundlander op één pootje en het merendeel op twee. Alleen de Schnauzer, de Engelse Bulldog en de Dwergpinscher komen op vier uit. Wie zonder tuin woont, vindt meer opties bij de hondenrassen voor een appartement.

De tweede vraag is opvoeding. Op trainbaarheid staan de Dobermann en de Schnauzer op vijf pootjes, terwijl de Engelse Bulldog op twee staat en de Sint-Bernard, de Engelse Mastiff, de Dogue de Bordeaux, de Hovawart en de Dogo Argentino op drie. Op geschikt voor beginners haalt geen enkel ras uit deze groep meer dan vier: de Schnauzer staat het hoogst, de Cane Corso en de Dogo Argentino op één.

Zoek je in deze hoek vooral een gezinshond, dan zijn de sennenhonden en de zware bergrassen de mildste keuze op papier: de Sint-Bernard, de Newfoundlander, de Leonberger, de Boxer en de Berner Sennenhond krijgen vijf pootjes voor kindvriendelijk. Vergelijk ze gerust naast de kindvriendelijke hondenrassen uit andere groepen. Wat de scores niet zeggen, is hoeveel een hond van deze afmetingen kost aan voer, vervoer en verzorging.

Veelgestelde vragen over fci-groep 2: pinschers, schnauzers, molossers en sennenhonden

Wat is FCI-groep 2?

FCI-groep 2 is de brede groep van pinschers, schnauzers, molossers en sennenhonden. Het is een verzameling van waak-, bewakings- en trekhonden, met binnen die groep nog aparte secties voor het doggentype en het bergtype. In deze atlas staan er 17 rassen uit groep 2, van de Dwergpinscher tot de Engelse Mastiff.

Wat is het zwaarste ras uit deze groep in de atlas?

De Engelse Mastiff, met 80 tot 85 kg en een schofthoogte vanaf 76 cm. De Deense Dog kan met 54 tot 90 kg bij vlagen even zwaar uitvallen en staat op minstens 80 cm, en de Sint-Bernard weegt 63 tot 81 kg bij 70 tot 90 cm. Dat zijn de bereiken uit de rasstandaarden, geen streefgewichten voor een individuele hond.

Zijn molossers rustige honden in huis?

Vaak wel qua bewegingsbehoefte, maar rustig in huis is iets anders dan weinig hond. Op de score rustig aan doen mogelijk staan de Sint-Bernard, de Newfoundlander, de Dogue de Bordeaux en de Engelse Bulldog op vier pootjes. De Dobermann, de Boxer en de Dogo Argentino staan op één. Ook een hond die weinig beweging vraagt, heeft dagelijks buiten zijn en contact nodig.

Waarom staan de Boxer en de Berner Sennenhond in dezelfde groep?

Omdat de FCI ze allebei tot het molosser- en sennenhondtype rekent, ondanks het verschil in bouw en vacht. De Boxer is 57 tot 63 cm met een korte, glanzende vacht, de Berner Sennenhond 64 tot 70 cm en verhaart fors. De indeling volgt type en oorspronkelijk werk, niet uiterlijk of formaat.

Waar deze gegevens vandaan komen

Elk ras in de atlas heeft een eigen dossier met schofthoogte, gewicht, levensverwachting, bewegingsbehoefte en vachtverzorging, opgebouwd uit de rasstandaard van de FCI, publicaties van rasverenigingen en veterinaire naslagwerken. Op elke rassenpagina staat onderaan welke bronnen we voor dat ras gebruikt hebben.

De acht scores van 1 tot 5 zijn een inschatting van de redactie op basis van die dossiers, geen meting. Meer pootjes betekent altijd dat het voor jou als baas gunstiger uitkomt. Ze helpen je vergelijken en een voorselectie maken, ze vervangen geen kennismaking met een echte hond.

Deze pagina is nagekeken op 31 juli 2026. Informatie op Hondenatlas is bedoeld ter oriëntatie. Twijfel je over de gezondheid of de belastbaarheid van een hond, dan is je dierenarts het juiste adres.

Verwante lijsten

Terug naar alle 100 hondenrassen