Cão de Castro Laboreiro
Een wolfsgrijze kuddebewaker uit de bergen van Noord-Portugal: trouw aan zijn eigen mensen, gereserveerd tegenover iedereen daarbuiten, en met een alarmblaf die begint als gerommel en eindigt als gehuil. Een indrukwekkende hond voor ervaren handen.

In dit artikel
De Cão de Castro Laboreiro in het kort
De Cão de Castro Laboreiro komt uit het gelijknamige bergdorp in Noord-Portugal, waar hij vee verdedigde tegen wolven en ander roofwild. Hij verscheen in 1914 voor het eerst op een hondenshow en kreeg in 1935 zijn eerste geschreven standaard. Toen de wolf verdween en de landbouw veranderde, verdween ook zijn taak.
De FCI-standaard beschrijft hem als een loyale en volgzame metgezel voor zijn eigen gezin, voortdurend waakzaam, zeer behendig en actief, met een zekere vijandigheid zonder ruziezoekerig te zijn. Hij is uitgesproken zeldzaam. Doe verderop de match.
- Schofthoogte
- 58–64 cmteven 55–61 cm (FCI: tolerantie ±2 cm)
- Gewicht
- 30–40 kgteven 25–35 kg
- Levensverwachting
- 12–14 jaarindicatie uit rasprofielen
- Beweging
- Veeleen rondje park volstaat niet
- Vacht
- Kort, zonder ondervachtaf en toe borstelen, verhaart flink
- Herkomst
- Portugalkuddebewaker uit de bergen van het noorden
De Cão de Castro Laboreiro in scores
Elke hond in de atlas krijgt scores op dezelfde meetlat, zodat je rassen eerlijk naast elkaar kunt leggen.
Meer pootjes betekent altijd makkelijker voor jou als baas, niet "meer van die eigenschap".
Wat voor karakter heeft een Cão de Castro Laboreiro?
De FCI-standaard omschrijft hem als een loyale en volgzame metgezel voor zijn gezin, voortdurend waakzaam, zeer behendig en actief, met een zekere vijandigheid maar zonder ruzie te zoeken. Dat is de klassieke kuddebewaker: zacht voor de zijnen, gesloten voor de rest.
Rasprofielen noemen hem zeer zelfstandig en terughoudend tegenover vreemden. Hij denkt zelf na en beslist zelf of iets een bedreiging is, want daar is hij eeuwenlang op geselecteerd. Zijn alarmblaf is beroemd: die begint als een laag gerommel en gaat over in een hoger gehuil.
Is een Cão de Castro Laboreiro geschikt voor een gezin?
Voor het eigen gezin is hij trouw en aanhankelijk, maar dit is geen laagdrempelige gezinshond. Zijn waakinstinct betekent dat bezoek, spelende vriendjes en onbekenden in en om het huis bewust begeleid moeten worden.
Reken op een hond van 30 tot 40 kilo die zelf een oordeel vormt over wie er binnenkomt. Wie hem in een gezin wil houden, investeert vanaf de puppytijd in brede socialisatie en in duidelijke afspraken rond de voordeur. Ervaring met bewakingsrassen is hier geen overbodige luxe.
Past deze hond bij jou?
Zes korte vragen, je ziet meteen je match.
Kies hierboven je situatie om je persoonlijke match te zien.
Kan een Cão de Castro Laboreiro in een appartement wonen?
Nee, dat is geen reële optie. Hij is groot, waakzaam en erg vocaal, en rasprofielen zeggen duidelijk dat hij liever buiten werkt en ruimte nodig heeft. In een gebouw met veel voorbijgangers heeft hij de hele dag reden om te melden.
Een huis met een goed omheind terrein of een stuk land past bij zijn aanleg. Zorg dat de omheining stevig is en dat hij niet zelfstandig 'zijn' gebied buiten je erf gaat bepalen.
Hoeveel beweging heeft een Cão de Castro Laboreiro nodig?
Veel. Rasprofielen zeggen letterlijk dat een wandeling door het park voor deze werkhond niet volstaat: hij heeft dagelijks stevige activiteit nodig om gedragsproblemen te voorkomen.
Denk aan lange wandelingen in gevarieerd terrein, aangevuld met werk waar hij zijn kop bij moet houden. Bouw dat bij een jonge hond geleidelijk op: een groot ras met zware botten heeft tijd nodig om uit te groeien.
Hoeveel verzorging vraagt de vacht van een Cão de Castro Laboreiro?
Weinig. De standaard beschrijft een korte vacht van ongeveer vijf centimeter zonder ondervacht, bij voorkeur in de bergkleur (cor do monte): een gestroomde vacht op een grijze basis met haren van pijnboompit tot roodmahonie. Een witte vlek op de borst mag.
Af en toe borstelen en wassen volstaat, maar hij verhaart flink: reken dus op haar in huis, ondanks die korte vacht. Controleer verder nagels, oren en gebit als vaste routine.
Hoe voed je een Cão de Castro Laboreiro op?
Met respect, rust en consequentie. Rasprofielen noemen hem redelijk trainbaar maar zeer zelfstandig, en adviseren respectvolle, duidelijke trainingsroutines van iemand met ervaring. Hard aanpakken werkt bij een bewakingsras averechts; besluiteloosheid ook.
Zet de socialisatie centraal: laat hem als pup kennismaken met veel mensen, situaties en honden, zodat zijn waakzaamheid gericht blijft en niet doorschiet. Zie socialisatie voor de opbouw, en begin vroeg met aan de lijn lopen: een volwassen hond van 40 kilo die trekt, is niet meer te corrigeren met kracht.
Wat kost een Cão de Castro Laboreiro?
Eerlijk antwoord: betrouwbare Belgische bedragen voor de aanschaf, het voer, de dierenarts en de verzekering van een Cão de Castro Laboreiro zetten we hier pas neer zodra we ze met bronnen kunnen onderbouwen. Liever even geen cijfer dan een verzonnen cijfer. Reken er wel op dat een hond, groot of klein, elke maand een vast budget vraagt, en dat prijzen sterk verschillen per fokker en regio.
Wat we nu al wel kunnen zeggen over vachtverzorging: Vooral tijd: af en toe borstelen en wassen, plus nagels en oren.
Eerlijk over de Cão de Castro Laboreiro
- Dit is een bewakingsras, geen gezelschapshond. Hij beslist zelf wie welkom is en werd daar eeuwenlang op geselecteerd. Wie geen ervaring heeft met bewakingsrassen, begint hier beter niet aan.
- Zijn stem draagt ver. De typische alarmblaf begint als laag gerommel en loopt uit in gehuil. Rasprofielen noemen hem erg vocaal, en dat is in een woonwijk een dagelijks aandachtspunt.
- Hij verhaart meer dan je denkt. De korte vacht vraagt weinig verzorging, maar er ligt wel degelijk veel haar. Kort haar is niet hetzelfde als weinig haar.
- Hij is uitzonderlijk zeldzaam. Er zijn wereldwijd naar schatting minder dan vijfhonderd honden van dit ras, met een handvol fokkers in Portugal en enkele daarbuiten. Reken op import en een lange wachttijd.
De route van pup naar senior
Elke levensfase vraagt iets anders van je. Dit zijn de haltes waar je bij dit ras rekening mee houdt.
Socialiseren is de hoofdtaak
Bij een bewakingsras is dit de belangrijkste periode van zijn leven: laat hem rustig kennismaken met veel mensen, geluiden, honden en situaties. Zie socialisatie en spaar de jonge gewrichten van dit grote ras.
Het waakinstinct komt op
Nu gaat hij zelf inschatten wie er langskomt en wordt de blaf serieuzer. Blijf socialiseren, beloon rust bij de voordeur en train het loslopen aan de lijn voor hij zijn volle kracht heeft.
Volwassen: bewaker met een schakelaar
Een goed begeleide volwassen hond is rustig en beheerst thuis en oplettend buiten. Houd hem slank en gespierd; een groot ras voelt elke extra kilo in heupen en ellebogen.
Senior: rustiger, even waakzaam
Met 12 tot 14 jaar levensverwachting wordt hij voor een groot ras behoorlijk oud. Verkort de tochten geleidelijk en laat heupen, ellebogen en ogen periodiek nakijken door je dierenarts.
Welke gezondheidsproblemen komen voor bij de Cão de Castro Laboreiro?
Dit ras geldt als robuust en er zijn geen rasspecifieke erfelijke aandoeningen gedocumenteerd; de populatie is er ook te klein voor grootschalig onderzoek. Vraag een fokker naar heup- en elleboogonderzoek van beide ouderdieren.
Een afwijkende ontwikkeling van heup- of ellebooggewricht die pijn en slijtage geeft, en bij grote, zware rassen extra zwaar weegt. Officiële uitslagen van beide ouders zijn een van de weinige harde aanknopingspunten die je bij dit ras hebt.
Bij grote honden met een diepe borstkas is een maagdraaiing een levensbedreigende noodsituatie: een opgezette buik, onrust en vergeefse braakpogingen vragen onmiddellijk een dierenarts. Rasprofielen noemen dit als risico bij dit ras.
Oogproblemen worden in rasprofielen genoemd zonder verdere specificatie. Laat de ogen bij de jaarlijkse controle nakijken en vraag of er in de lijn oogonderzoek is gedaan.
Met wereldwijd naar schatting minder dan vijfhonderd honden bestaan er geen grote gezondheidsstudies of verplichte fokonderzoeken. Vraag daarom naar de gezondheid en de leeftijd van de honden uit eerdere nesten en naar de verwantschap tussen de ouderdieren.
Weet je niet welke uitslagen je precies moet opvragen? Download de gratis checklist “Wat vraag je een fokker?”, met alle onderzoeken die bij dit ras horen op één A4.
Waar vind je een goede pup?
Dit is een van de zeldzaamste rassen uit de atlas: schattingen komen uit op minder dan vijfhonderd honden wereldwijd, met ongeveer een half dozijn fokkers in Portugal en enkele daarbuiten. Via de Raad van Beheer (Nederland) of de KMSH (Koninklijke Maatschappij Sint-Hubertus, België) vind je vrijwel zeker geen nest.
Reken dus op import uit Portugal, op een wachtlijst en op een fokker die kritisch is over waar zijn pups terechtkomen. Dat laatste is een goed teken: bij een bewakingsras hoort een fokker te vragen naar jouw ervaring, je woonsituatie en je plannen. Vraag zelf naar heup- en elleboogonderzoek en naar hoe de pups gesocialiseerd worden.
Koop je bij een kweker? Check of hij erkend is met zijn HK-nummer in de officiële lijst van Dierenwelzijn Vlaanderen.
Veelgestelde vragen over de Cão de Castro Laboreiro
Waar komt de Cão de Castro Laboreiro vandaan?
Uit het bergdorp Castro Laboreiro in Noord-Portugal, waar hij vee verdedigde tegen wolven en ander roofwild. Hij stond in 1914 voor het eerst op een hondenshow en kreeg in 1935 zijn eerste geschreven rasstandaard.
Hoe groot wordt een Cão de Castro Laboreiro?
De FCI-standaard geeft 58 tot 64 cm voor reuen en 55 tot 61 cm voor teven, met twee centimeter speling. Reuen wegen 30 tot 40 kilo en teven 25 tot 35 kilo.
Is de Cão de Castro Laboreiro een gezinshond?
Voor zijn eigen gezin is hij loyaal en volgzaam, maar het blijft een kuddebewaker die zelf inschat wie welkom is. Hij vraagt ervaring met bewakingsrassen, brede socialisatie en duidelijke afspraken rond bezoek.
Blaft een Cão de Castro Laboreiro veel?
Ja, hij is erg vocaal en heeft een kenmerkende alarmblaf die begint als een laag gerommel en overgaat in een hoger gehuil. In een woonwijk of appartement is dat een serieus aandachtspunt.
Hoe zeldzaam is dit ras?
Zeer zeldzaam: schattingen spreken van minder dan vijfhonderd honden wereldwijd, met ongeveer een half dozijn fokkers in Portugal en enkele daarbuiten. In België en Nederland betekent dat vrijwel altijd import en een lange wachttijd.
Bronnen bij deze pagina (4)
- FCI-rasstandaard 170 (Cão de Castro Laboreiro), groep 2 sectie 2.2 (molossers, bergtype), herkomst Portugal, gebruik als waak-, bewakings- en kuddebeschermingshond, schofthoogte 58–64 cm (reuen) en 55–61 cm (teven) met tolerantie van 2 cm, gewicht 30–40 kg en 25–35 kg, korte vacht van ongeveer 5 cm zonder ondervacht, voorkeurskleur de bergkleur (cor do monte) als gestroomde grijze vacht met haren van pijnboompit tot roodmahonie, kleine witte borstvlek toegestaan, karakter loyaal en volgzaam voor het gezin, voortdurend waakzaam, zeer behendig en actief, met een zekere vijandigheid zonder ruziezoekerig te zijn, kenmerkende alarmblaf, zonder werkproef.
- Wikipedia – Castro Laboreiro Dog, herkomst uit het bergdorp Castro Laboreiro in Noord-Portugal, ingezet tegen wolven en ander roofwild, vroegste vermeldingen in negentiende-eeuwse literatuur waaronder een novelle uit 1882, eerste keer op een hondenshow in 1914 en eerste geschreven standaard in 1935, verlies van functie na het verdwijnen van roofdieren en de modernisering van de landbouw, wereldwijd naar schatting minder dan vijfhonderd honden met ongeveer een half dozijn fokkers in Portugal, geen rasspecifieke gezondheidsproblemen gedocumenteerd.
- Wamiz – Castro Laboreiro Dog, toegewijd maar terughoudend tegenover vreemden en zeer zelfstandig, heeft veel beweging nodig waarbij een rondje park niet volstaat, redelijk trainbaar maar vraagt respectvolle en duidelijke routines van een ervaren begeleider, matig geschikt voor een flat en beter af met ruimte, weinig vachtverzorging maar stevige verharing, erg vocaal met een blaf die begint als laag gerommel en overgaat in gehuil, levensverwachting 12–14 jaar, aandachtspunten heup- en elleboogdysplasie, maagtorsie en oogaandoeningen, gewicht teven 55–77 pond en reuen 66–88 pond, slechts beperkt aan te raden voor beginners.
- Foto: Schiowa, CC BY-SA 3.0, via Wikimedia Commons, herofoto van deze pagina.