Grand Anglo-Français Blanc et Noir
Zwaar in het bot, wit met een zwarte mantel en gebouwd om hert en ree te volgen door natte, verstruikte bossen: de Grand Anglo-Français Blanc et Noir is de Franse meutehond met het meeste Foxhound-bloed in de benen.
In dit artikel
De Grand Anglo-Français Blanc et Noir in het kort
De FCI-standaard noemt hem een grote, tamelijk krachtige hond, weerbaar en robuust met zwaar bot, waarin zijn Gascon-Saintongeois-afkomst zichtbaar blijft. Volgens diezelfde standaard blinkt hij uit in de jacht op hert en ree op vochtig of verstruikt terrein.
Hij komt voort uit de bâtard anglo-saintongeois uit het midden van de 19e eeuw, een kruising van Saintongeois-honden met de Engelse Foxhound. De FCI telt ongeveer 2000 honden en circa 200 geboortes per jaar. Benieuwd of dit type hond bij jou past? Doe verderop de match.
- Schofthoogte
- 65–72 cmteef 62–68 cm
- Gewicht
- Niet vastgelegdde rasstandaard noemt geen gewicht
- Levensverwachting
- Niet vastgelegdgeen betrouwbaar rasgemiddelde gepubliceerd
- Beweging
- Zeer veelhele jachtdagen in zwaar, nat terrein
- Vacht
- Kort, stevig en dichtverplicht wit met zwart, weinig werk
- Herkomst
- Frankrijkmeutehond voor groot wild, Foxhound-bloed
De Grand Anglo-Français Blanc et Noir in scores
Elke hond in de atlas krijgt scores op dezelfde meetlat, zodat je rassen eerlijk naast elkaar kunt leggen.
Meer pootjes betekent altijd makkelijker voor jou als baas, niet "meer van die eigenschap".
Wat voor karakter heeft een Grand Anglo-Français Blanc et Noir?
De rasstandaard is er kort over en positief: het is een vriendelijke hond die dicht bij de mens staat en in de kennel zonder moeite te hanteren is. Voor een meutehond die met tientallen soortgenoten leeft, is dat een belangrijke eigenschap.
In het veld is hij een ander dier: weerbaar, volhardend en gebouwd om een spoor uren vast te houden. Hij blinkt volgens de standaard uit in de jacht op hert en ree op vochtig of verstruikt terrein, waar lichter gebouwde honden het eerder opgeven.
Is een Grand Anglo-Français Blanc et Noir geschikt als gezinshond?
In Frankrijk komt hij vrijwel uitsluitend in jachtmeutes voor, en er zijn ruim twintig actieve meutes van dit ras. Als huishond zie je hem zelden, en dat heeft alles met zijn formaat en werkbehoefte te maken.
Zijn karakter zou het toelaten: hij is mensgericht en vriendelijk. Maar je koopt een krachtige hond van rond de 70 cm die pas tot rust komt na uren buiten. Alleen wie jaagt, aan mantrailing doet of zijn dagen in bos en veld doorbrengt, doet hem recht.
Past deze hond bij jou?
Zes korte vragen, je ziet meteen je match.
Kies hierboven je situatie om je persoonlijke match te zien.
Kan een Grand Anglo-Français Blanc et Noir in een appartement wonen?
Nee. Reuen meten 65 tot 72 cm en teven 62 tot 68 cm, met zwaar bot en veel spiermassa. Zo'n hond hoort niet in een flat, en zijn stem is bedoeld om over grote afstand hoorbaar te zijn.
Hij hoort thuis in een huis met een hoog omheinde tuin in landelijk gebied, met dagelijkse toegang tot bos en veld. Loslopen buiten omheind terrein blijft riskant: eenmaal op een hertenspoor is hij binnen enkele minuten uit het zicht.
Hoeveel beweging heeft een Grand Anglo-Français Blanc et Noir nodig?
Zeer veel, en vooral van het zware soort. Hij is geselecteerd om in modder, kreupelhout en nat bos door te werken waar de omstandigheden lastig zijn. Dat vraagt een conditie die je alleen met lange, regelmatige tochten opbouwt.
Jaag je niet, dan zijn uitgelegde sporen, mantrailing en lange boswandelingen de dichtstbijzijnde vervanging. Combineer loopwerk altijd met neuswerk: kilometers alleen maken hem fit, maar niet tevreden.
Hoeveel verzorging vraagt de vacht van een Grand Anglo-Français Blanc et Noir?
Weinig. Zijn haar is kort, tamelijk stevig en dicht, wat precies past bij werk in nat en doornig terrein. De vacht is verplicht wit met zwart, met een zwarte mantel of meer of minder verspreide platen; spikkels en beperkte tanaftekening op ledematen en kop zijn toegestaan.
Zijn verzorging zit niet in de borstel maar in de controle achteraf. Kijk na elke tocht zijn hangoren, poten, tussentenen en huid na op grasaren, doornen, schrammen en teken. Op wit haar zie je beschadigingen bovendien snel.
Hoe voed je een Grand Anglo-Français Blanc et Noir op?
Met rust, structuur en herhaling. Hij is niet dominant of dwars, maar wel doelgericht: op een spoor verdwijnt de rest van de wereld. Vriendelijke, korte trainingen leveren bij dit type hond meer op dan strengheid.
Investeer vanaf het begin in de terugroep en werk maandenlang met een lange lijn. Leer hem ook thuis uitschakelen en oefen het alleen zijn in kleine stappen, want een meutehond vindt eenzaamheid zwaar.
Wat kost een Grand Anglo-Français Blanc et Noir?
Eerlijk antwoord: betrouwbare Belgische bedragen voor de aanschaf, het voer, de dierenarts en de verzekering van een Grand Anglo-Français Blanc et Noir zetten we hier pas neer zodra we ze met bronnen kunnen onderbouwen. Liever even geen cijfer dan een verzonnen cijfer. Reken er wel op dat een hond, groot of klein, elke maand een vast budget vraagt, en dat prijzen sterk verschillen per fokker en regio.
Wat we nu al wel kunnen zeggen over vachtverzorging: Vrijwel alleen tijd: af en toe borstelen volstaat.
Eerlijk over de Grand Anglo-Français Blanc et Noir
- Hij is de zwaarste van de drie Grand Anglo-Français. Dat betekent meer hond aan de lijn, meer voer, en een groter risico bij het onbedoeld omverlopen van kinderen of ouderen.
- Zijn stem is dragend en wordt vaak gebruikt. Jagers volgen hem eraan door dicht bos. In een woonwijk is datzelfde geluid een probleem waar geen training tegenop kan.
- De populatie is klein en Frans. Ongeveer 2000 honden en circa 200 geboortes per jaar, vrijwel allemaal in Franse jachtmeutes. Buiten Frankrijk is een nest hoge uitzondering.
- Modder en nattigheid horen erbij. Hij is juist gefokt voor vochtig, verstruikt terrein. Wie een schone hond in een schoon huis wil, kiest beter iets anders.
De route van pup naar senior
Elke levensfase vraagt iets anders van je. Dit zijn de haltes waar je bij dit ras rekening mee houdt.
Wennen aan een leven buiten de meute
Laat hem rustig veel normale dingen meemaken en bouw met spel en voer een band op. Begin meteen met het alleen zijn in kleine stapjes, want dat is voor een meutepup het lastigste onderdeel.
Groeien en niet overbelasten
Hij wordt zwaar en groeit snel, dus bouw conditie geleidelijk op en vermijd lange stukken op hard terrein. Ondertussen worden sporen interessanter dan jij: werk consequent met een lange lijn en geef hem eenvoudig zoekwerk.
De volwassen werker
Nu kan hij lange dagen in zwaar terrein aan. Geef hem structureel loop- en neuswerk, houd hem slank en controleer na elke tocht zijn poten, oren en huid op schade uit het kreupelhout.
Senior: minder zwaar terrein, evenveel neuswerk
Kortere tochten met veel snuffelwerk houden hem tevreden. Laat gewrichten, oren, gebit en gewicht regelmatig nakijken door je dierenarts en pas de belasting aan zijn conditie aan.
Welke gezondheidsproblemen komen voor bij de Grand Anglo-Français Blanc et Noir?
Dit is een functioneel gebouwde werkhond zonder overdreven raskenmerken, maar breed gezondheidsonderzoek ontbreekt. Vraag daarom gericht door bij de fokker en let vooral op wat bij zijn formaat hoort.
Er zijn geen prevalentiestudies over erfelijke aandoeningen bij dit ras gevonden. Vraag de fokker naar leeftijden en doodsoorzaken in zijn lijn, en naar de onderzoeken die hij bij zijn fokdieren laat doen.
Bij een zware hond met sterk bot die dagen in ruw terrein werkt, zijn gezonde gewrichten essentieel. Vraag naar een officiële heup- en elleboogbeoordeling van beide ouderdieren, ook als het rasprogramma dat niet verplicht stelt.
Diepborstige honden van dit formaat lopen risico op een maagdraaiing, een spoedgeval. Laat hem niet vlak voor of na zware inspanning grote hoeveelheden eten en laat je door je dierenarts uitleggen welke signalen alarm zijn.
Werk in nat, verstruikt terrein met lange hangoren betekent vaste controle op ontstoken oren, grasaren, doornen en schrammen. Dat is bij dit type hond de meest voorkomende reden voor een dierenartsbezoek.
Weet je niet welke uitslagen je precies moet opvragen? Download de gratis checklist “Wat vraag je een fokker?”, met alle onderzoeken die bij dit ras horen op één A4.
Waar vind je een goede pup?
De fokkerij zit vrijwel volledig in Frankrijk, bij meutehouders die op hert en ree jagen. Met ongeveer 2000 honden en circa 200 geboortes per jaar is de populatie klein. De Raad van Beheer (NL) en de KMSH (BE) registreren stambomen, maar een nest in de Benelux is hoge uitzondering. Reken op import, een wachtlijst en een reis.
Vraag bij een zwaar gebouwd ras als dit gericht naar de gewrichten: heup- en elleboogbeoordelingen van beide ouderdieren, en hoe lang de honden in de lijn hun werk volhouden. Franse meutehouders plaatsen bij voorkeur bij jagers, en dat beschermt de hond. Een goede fokker toont de ouderdieren, is open over gezondheid en werkaanleg, en stelt jou minstens zoveel vragen als jij hem.
Koop je bij een kweker? Check of hij erkend is met zijn HK-nummer in de officiële lijst van Dierenwelzijn Vlaanderen.
Veelgestelde vragen over de Grand Anglo-Français Blanc et Noir
Wat is een Grand Anglo-Français Blanc et Noir?
Een grote Franse meutehond uit FCI-groep 6, erkend onder nummer 323. Hij ontstond in het midden van de 19e eeuw uit de bâtard anglo-saintongeois, een kruising van Saintongeois-honden met de Engelse Foxhound.
Hoe groot wordt een Grand Anglo-Français Blanc et Noir?
Reuen meten 65 tot 72 cm schofthoogte en teven 62 tot 68 cm. De rasstandaard legt geen gewicht vast, maar beschrijft hem als een grote, krachtige hond met zwaar beendergestel.
Waarvoor wordt een Grand Anglo-Français Blanc et Noir gebruikt?
Hij is een meutehond voor groot wild. De FCI-standaard vermeldt uitdrukkelijk dat hij uitblinkt in de jacht op hert en ree op vochtig of verstruikt terrein, waar zwaarder gebouwde honden in het voordeel zijn.
Is een Grand Anglo-Français Blanc et Noir geschikt als gezinshond?
Zelden. De rasstandaard noemt hem vriendelijk en mensgericht, maar hij is een zware werkhond met een luide stem en een grote bewegingsbehoefte. Zonder dagelijks urenlang buitenwerk komt hij niet tot zijn recht.
Hoe zeldzaam is de Grand Anglo-Français Blanc et Noir?
De FCI-standaard noemt ongeveer 2000 honden met circa 200 geboortes per jaar, vrijwel allemaal in Franse jachtmeutes. In de Benelux zijn nesten hoge uitzondering en kom je in de praktijk bij import uit.
Bronnen bij deze pagina (3)
- FCI-rasstandaard 323 (Grand Anglo-Français Blanc et Noir), standaard van 04.11.2008, ontstaan uit de bâtard anglo-saintongeois in het midden van de 19e eeuw uit Saintongeois en Foxhound, circa 2000 honden en ongeveer 200 geboortes per jaar, grote krachtige hond met zwaar bot en gascon-saintongeoise afkomst, schofthoogte 65-72 cm (reu) en 62-68 cm (teef), kort stevig en dicht haar, verplicht wit-zwart, uitblinkend op hert en ree in vochtig of verstruikt terrein, vriendelijk en mensgericht in de kennel.
- Société de Vénerie: le grand anglo-français blanc et noir, standaarddatum 27.01.1983, gascon-saintongeoise oorsprong, tamelijk krachtige bouw met sterk beendergestel, gestrekte galop met soepele gangen voor uitgestrekte jachtterreinen, indeling als chien courant in FCI-groep 6.
- Wikipedia: Grand Anglo-Français Blanc et Noir, afstamming van de oude Saintongeois-hond gekruist met Foxhounds onder de naam bâtard anglo-saintongeois, de officiële naamgeving 'Anglo-Français' in 1957, gebruik als meutehond op ree, everzwijn en vos, en circa 2000 geregistreerde honden met twintig of meer actieve meutes.